Geschreven door onze expert Douwe Langermans: Vitaliteitscoach gespecialiseerd in ADHD
Neurodiversiteit krijgt steeds meer aandacht in organisaties, en dat is terecht: 15–20% van de mensen is neurodivergent, bijvoorbeeld met ADHD, autisme, dyslexie of hoogsensitiviteit. Toch blijkt dat veel neurodivergente medewerkers zich niet altijd gezien, begrepen of volledig benut voelen.
Wat is neurodiversiteit precies?
Neurodiversiteit betekent dat ieder brein anders werkt, zonder dat dit een stoornis hoeft te zijn. Het verwijst naar natuurlijke variaties in informatieverwerking, prikkelverwerking en gedrag. Bekende vormen van neurodivergentie zijn ADHD, autisme, dyslexie, ADD en hoogsensitiviteit. Steeds meer onderzoekers benadrukken dat neurodiversiteit niet alleen vraagt om begrip, maar organisaties ook waardevolle voordelen oplevert: neurodivergente mensen brengen vaak creativiteit, innovatie, hyperfocus of sterk analytisch vermogen mee.
Waar lopen neurodivergente medewerkers tegenaan?
Hoewel neurodiversiteit een kracht is, ervaren veel medewerkers obstakels op de werkvloer:
- Overprikkeling in kantoortuinen
- Strikte verwachtingen rondom werkstijl
- Onbedoelde vooroordelen of aannames
- Onduidelijke processen en onvoorspelbare communicatie
- Angst om ‘afwijkend’ gedrag te laten zien
- Twijfels om een diagnose te delen uit angst voor stigmatisering
Deze uitdagingen zijn vaak het gevolg van onbegrip, niet van onwil. Daarom is bewustwording zo belangrijk.
Correctie boven connectie: wat gaat er mis?
Ik zie in de praktijk dat neurodivergentie nog te vaak wordt benaderd vanuit correctie: gedrag dat anders is dan de norm wordt gecorrigeerd of gemeden.
Voorbeelden uit de praktijk:
- Een hoogsensitief persoon die een rustige plek opzoekt, wordt gezien als teruggetrokken of afwezig.
- Iemand met ADHD die beweegt of rondloopt krijgt opmerkingen als “zit eens stil”.
Hierdoor verschuift de aandacht naar hoe iemand werkt, terwijl het zou moeten gaan over wat iemand bijdraagt.
De neurodiverse spagaat
Veel neurodivergente personen aarzelen om hun diagnose met hun werkgever te delen, uit angst voor afwijzing of dat het als een zwakte wordt gezien. Deze angst is begrijpelijk, omdat zij vaak al van jongs af aan het gevoel hebben dat ze buiten de boot vallen. Hierdoor staan veel neurodivergente personen voor een moeilijke keuze, die ik de ‘neurodiverse spagaat’ noem:
- Aanpassen aan de norm, met risico op overbelasting.
- Dicht bij zichzelf blijven en daarmee afwijken van de ‘norm’, met risico op onbegrip of uitsluiting.